De Binnenplaats

Vanuit de glazen gangen stap je zo de buitenlucht in.

De binnenplaats is het stralende, open middelpunt waar alles in het kasteel omheen is gebouwd.

Het eerste wat je raakt is de lucht.

Die is hier fris en vol leven,

alsof elke ademteug die je neemt je van binnenuit schoonwast.

Boven je zie je de oneindige blauwe lucht,

omlijst door de ragfijne, ivoren torens van het kasteel

die als gebeden omhoog reiken.

Je bevindt je op een weids terras,

omzoomd door een zee van bloemen in zachte tinten roze.

Hun geur is subtiel en rustgevend,

een deken van vrede die over de marmeren vloer ligt.

In het midden van de binnenplaats opent de vloer zich naar een dieper gelegen gedeelte.

Vanaf de sierlijke balustrade kijk je naar beneden,

waar een fontein onvermoeibaar stroomt.

Het geluid van het kabbelende water stijgt omhoog en vult de ruimte met een serene rust.

De trap bij de balustrade nodigt uit tot een weg naar beneden,

naar daar waar het water zijn oorsprong vindt.

Voor nu mag je hier op dit terras genieten van de rust en de ruimte.

Dit is een plek waar niets hoeft.

Je mag hier simpelweg zijn en over de rand kijken naar het glinsterende water beneden.

Laat de nevel die omhoog komt je verfrissen en de schoonheid van deze plek je hart vullen.

Hier, in de luwte van het kasteel, vind je de kracht om weer verder te wandelen.

Blijf hier zolang je wilt.

De tijd heeft hier geen stem.